Het carnivoor voedingspatroon, deel 1

Het carnivoor voedingspatroon is eenvoudig. Wie carnivoor eet, eet vrijwel uitsluitend dierlijke producten, zoals vlees, vis, eieren en soms wat zuivel. Groenten, fruit, granen, peulvruchten en noten verdwijnen volledig van het bord. Wat overblijft, is een eiwit- en vetrijk voedingspatroon dat (praktisch) geen koolhydraten bevat. Veel mensen die carnivoor eten, verwelkomen die simpelheid. Geen keuzestress meer over goede of slechte koolhydraten, geen etiketten lezen, maar juist een short list van toegestane voedingsmiddelen. En mensen die carnivoor eten, ondervinden ook veel voordelen van het voedingspatroon. Ze hebben minder honger, meer energie, geen brain fog, meer vetmassaverlies en vaak minder darmklachten. En als mensen die carnivoor eten zoveel voordelen ervaren hoe kan het dan dat er toch zorgen zijn over dit voedingspatroon? Om die vraag te beantwoorden, moeten we niet alleen kijken naar hoe het voedingspatroon wordt ervaren, maar ook kijken naar de voedingskwaliteit van het carnivoor voedingspatroon. Welke voedingsstoffen levert het carnivoor voedingspatroon in voldoende mate, waar schiet het tekort en zo ja waarom merk je die tekorten vaak pas op de lange termijn?

De voedingskwaliteit van het carnivoor voedingspatroon

In een studie van Jessica Phelan werden verschillende populaire voedingspatronen concreet uitgewerkt in weekmenu’s. Vervolgens werd berekend hoeveel voedingsstoffen deze voedingspatronen leverden. En wellicht interessant om te weten is dat de auteurs van deze studie niet bepaald bekend staan als uitgesproken voorstanders van een vegetarisch voedingspatroon. Dat maakt hun analyse des te relevanter. Het gaat hier niet om een pleidooi voor planten, maar om een nuchtere doorrekening van wat er gebeurt als je hele voedselgroepen weglaat.

Wat daarbij opvalt, is dat het carnivoor voedingspatroon op een aantal punten juist erg sterk scoort. De eiwitinname ligt hoog, wat bijdraagt aan verzadiging en de aanmaak van belangrijke lichaamseiwitten zoals enzymen, bepaalde hormonen (zoals insuline) en spiereiwitten. Daarnaast bevat het carnivoor voedingspatroon ruim voldoende vitamine B12, een voedingsstof die essentieel is voor de aanmaak van rode bloedcellen en het functioneren van het zenuwstelsel. Ook ijzer en zink zijn goed vertegenwoordigd in het carnivoor voedingspatroon, in vormen die makkelijk worden opgenomen. En dat verklaart misschien waarom mensen zich vaak energiek voelen en weinig last hebben van schommelingen in energie of honger wanneer zij carnivoor eten. Het carnivoor voedingspatroon levert in dat opzicht precies wat het belooft. Namelijk eenvoud en een aantal goed gedekte essentiële voedingsstoffen. In dezelfde analyse van Phelan wordt echter ook duidelijk dat meerdere voedingsstoffen consequent onder de aanbevolen inname blijven wanneer je carnivoor eet. Onder andere Calcium, vitamine D en kalium worden onvoldoende geleverd door het carnivoor voedingspatroon. Dat zijn voedingsstoffen die betrokken zijn bij uiteenlopende processen, van botgezondheid tot spierfunctie en bloeddrukregulatie. Wanneer de voedingskwaliteit van het carnivoor voedingspatroon wordt samengevat in een voedingskwaliteitsscore, eindigt het voedingspatroon onderaan met een score van 26,7 op de totaal 100 punten die te behalen zijn. Voedingspatronen die meer variatie bevatten en dus meerdere productgroepen combineren, scoren structureel hoger dan het carnivoor voedingspatroon. Dat betekent niet dat die voedingspatronen automatisch perfect zijn. Ook een volledig plantaardig voedingspatroon kent aandachtspunten, zoals mogelijk onvoldoende vitamine B12, ijzer en soms calcium. Het venijnige van die tekorten aan essentiële voedingsstoffen is dat gevolgen van tekorten zich zelden direct laten zien. Het lichaam heeft geen alarmsysteem dat onmiddellijk afgaat wanneer je van een voedingsstof te weinig binnenkrijgt. Het lichaam heeft uitzonderlijk grote reserves en compensatiemechanismen om, om te gaan met tekorten. Wanneer je bijvoorbeeld langdurig te weinig calcium binnenkrijgt, blijft de calciumspiegel in het bloed voor lange tijd gewoon stabiel. Dat moet ook, want calcium is nodig voor een goede (hart)spier- en zenuwfunctie. Om de calciumspiegel van het bloed op peil te houden, haalt het lichaam calcium uit de botten. Dat proces merk je niet. Pas na jaren kan dat bijdragen aan botontkalking en dus fracturen van heup, pols en wervels op latere leeftijd.

De onzichtbare afwezige

Naast tekorten aan calcium, vitamine D en kalium is er nog een voedingsstof die bijna niet geleverd wordt door een carnivoor voedingspatroon. En dat zijn voedingsvezels. Zo is bekend uit deze en deze reviews dat een hoge vezelinname samenhangt met duidelijke gezondheidsvoordelen. Zo wordt gedacht dat elke extra 7 gram vezels die per dag worden geconsumeerd gepaard gaat met ongeveer 9% minder risico op hart- en vaatziekten. Daarnaast verbeteren vezels de darmfunctie en verminderen de kans op het krijgen van onder andere dikke darmkanker. Ook verbeteren vezels de insulinegevoeligheid wat indirect ook weer de kans op het krijgen van verschillende vormen van kanker en hart- en vaatziekten verkleint. Wanneer vezels ontbreken in het voedingspatroon zou het kunnen zijn dat de kans op het krijgen van verschillende vormen van kanker en hart- en vaatziekten juist toeneemt. Het schrappen van vezelrijke voedingsmiddelen verlicht echter juist bij veel mensen darmklachten. Dat ligt waarschijnlijk niet direct omdat er minder vezels worden geconsumeerd, maar omdat sommige vezelrijke voedingsmiddelen ook stoffen kunnen bevatten die de darmklachten (daar komen we in deel 4 op terug) kunnen geven. Maar dat effect zegt vooral iets over wat er is weggehaald en minder over wat er optimaal aanwezig is. In een gangbaar eliminatiedieet dat gebruikt wordt bij mensen die intolerant, of allergisch zijn voor bepaalde voedingsmiddelen worden vaak ook heel veel voedingsmiddelen uit het dieet tijdelijk gehaald (geëlimineerd) om er achter te komen welke voedingsmiddelen klachten geven. Later worden systematisch voedingsmiddelen weer geherintroduceerd om zo te beoordelen welke voedingsmiddelen wel worden getolereerd.

En dus…

Het carnivoor voedingspatroon doet een aantal dingen goed. Het vereenvoudigt voeding, levert ruim voldoende eiwitten en voorziet in een aantal belangrijke micronutriënten. Dat verklaart misschien deels waarom mensen zich er op korte termijn vaak goed bij voelen? Maar diezelfde eenvoud betekent ook dat er vele essentiële voedingsstoffen ontbreken. Een belangrijke les is misschien dan ook dat een voedingspatroon goed kan voelen en toch onvolledig zijn.